‘Zuster, ik zoek mijn man.’ Ik was deze dag in een verzorgingstehuis aanwezig om een check van de BHV organisatie te doen. Net klaar met de lunch trof ik een bewoonster aan onder de kapstok, terwijl ze in de hoek bij de stoelen op zoek was naar iets. ‘Dag mevrouw, waar is uw man?’ Ze keek me verward aan. ‘Tja, je raakt mannen zo snel kwijt hé, zullen we in de kantine een bakje koffie gaan doen?’ Nog voordat ze mijn arm goed vast had schuifelde ze al richting lift. Een verpleegkundige riep van beneden: ‘waar is haar rollator?’ Ik hielp haar de hoek om naar de kantine en terwijl ze ging zitten, melde ze dat ze een plasje ging doen. Ehm, daar hield ik me al heel lang niet meer mee bezig, gelukkig kwam de kantinebeheerster mij te hulp.

De verpleegkundige hielp haar naar haar rollator en keek mij heel verbaasd aan. U bent geen verpleegkundige mevrouw. Nee, dat kon je aan mijn kleding inderdaad wel zien. Maar dat maakt niet uit, ik ben dan wel te gast, ik zal een bewoner niet laten staan als deze hulp nodig heeft. Lang, lang geleden heb ik ooit een opleiding gevolgd die me klaar stoomde voor het werk in de verpleging. Ik ben er dus niet vreemd mee.

Nu geef ik ook trainingen in verzorgings- en verpleeghuizen. Zodat de veiligheid daar ook op orde is. Het levert naast leuke trainingen ook leuke situaties op. Tijdens een training had ik een zaal tot mijn beschikking waar normaal de ouderen bewegingslessen kregen. Midden in de les ging de deur open en een wat oudere man schoof naar binnen. Zonder iets te zeggen ging hij in de kring zitten bij de cursisten. Hij zat duidelijk lekker en zonder mijn verhaal te onderbreken pakte ik een koekje, schonk een kopje koffie en zette dat voor zijn neus neer. De reactie van de cursisten was erg leuk, ze snapten niet goed wat ik aan het doen was. De meneer bleef heel vriendelijk luisteren naar mijn les en bij het onderdeel: kun je dit nog blussen, schoot hij in de lach. Hij wist het inderdaad beter dan de cursisten! Mijn uitnodiging om mee te gaan naar het praktijkgedeelte sloeg hij echter wel af: ‘daar ga ik niet in kunnen met mijn rollator zuster!’.

Ook heb ik een bewoner meegemaakt die wat verward aan het raken was. Maar dat de hele groep met BHV-ers, in zijn ogen de zusters, op dat knopje drukten en dat ze dan allemaal leuke dingen gingen doen! Rennen en hesjes aandoen en zo, dat vond hij geweldig. Wel zo dat zelfs na de training die avond hij de handbrandmelder nog 2 keer heeft ingedrukt. Ze hebben er een kartonnetje op geplakt dat hij niet meer kon drukken, maar na lang denken had hij de volgende dag door hoe dat ook met karton nog wel kon doen. Ik ben de volgende dag terug geweest voor een stevig gesprek. Hij zou het nooit meer doen… We hebben er zo snel mogelijk een speciaal kastje overheen geplaatst dat een geluid geeft als je het optilt. Hij heeft het inderdaad niet meer gedaan.

Ik ben te gast in de woning van de mensen, en als ik dan kan helpen, zal ik het niet nalaten. Voor het verplegend en verzorgend personeel heb ik ook veel bewondering. Zij hebben een hele lastige en mooie taak, mensen begeleiden die aan de laatste levensfase begonnen zijn. Dat vraagt een speciaal soort mensen, hulpverleners in hart en nieren. Die ook willen zorgen voor de veiligheid van de bewoners. En daar mag deze tijdelijke zuster / instructeur soms een kleine bijdrage aan leveren….